Parsons en Paracieten - PARSON RUSSELL KENNEL RAVENHEIGHTS | PARSONUTRECHT.NL

Parson Utrecht
Parsonutrecht.nl
button
button
Ga naar de inhoud

Parsons en Paracieten

Parsons en Parasieten
paracieten bij parsonsVlooien
Alle honden zijn vatbaar voor verschillende soorten parasieten. Parasieten zijn kleine diertjes die leven ten koste van een ander dier. Ze voeden zich met bloed, huidschilfers en andere lichaamsstoffen. We onderscheiden twee hoofdsoorten:
Inwendige parasieten leven in het lichaam van het gastdier (lintwormen en spoelwormen), uitwendige parasieten leven aan de buitenkant van het dier, meestal in de vacht (vlooien en teken), maar ook wel in de oren (oormijt).
...Vlooien cyclus..

Vlooien
Vlooien voeden zich met het bloed van de hond. Ze veroorzaken niet alleen jeuk en huidklachten, maar kunnen ook infecties (zoals lintworm) overdragen. In groten getale kunnen ze zelfs tot bloedarmoede leiden. Ook kan een hond allergisch zijn voor het speeksel van de vlo. Deze allergie kan een ernstige huidaandoening tot gevolg hebben.

Het is daarom zaak vlooien zo goed mogelijk te bestrijden. Niet alleen op de hond zelf, maar ook in zijn omgeving. Voor de bestrijding op het dier bestaan diverse middelen: druppels voor in de nek en door het voer, vlooienbanden, lang werkende sprays en vlooienpoeders.

Voor de vlooienbestrijding in de directe omgeving van de hond zijn verschillende sprays in de handel. Kies bij voorkeur een spray die zowel de volwassen vlooien als de larven doodt. Wanneer uw hond in de auto meegaat, moet u die ook sprayen. Vlooien kunnen ook op andere huisdieren overgaan. Daarom moet u die eveneens behandelen. Bij het sprayen van de huiskamer moet u een eventueel aanwezig aquarium goed afdekken: als de spray op het water neerslaat, is dat dodelijk voor uw vissen! Uw dierenarts en dierenspeciaalzaak hebben een groot assortiment vlooienbestrijdingsmiddelen. Zij kunnen u uitgebreid adviseren over dit onderwerp.

hondenvlooien
kattevlooi
vlooien bestrijding honden
Teken
Lime disease
Teken
Bijna iedereen weet wel dat de hond teken kan oplopen. Dit artikel vertelt u nog een keer waar dat kan gebeuren, wat de gevolgen van een tekenbeet kunnen zijn en hoe u dient te handelen.

Het extreem zachte en natte weer van de afgelopen winters heeft de tekenpopulatie goed gedaan, de eerste teken zijn al in januari gevonden (en verwijderd).
Als u dit leest spelen de aanstaande vakantie(plannen) misschien al door uw hoofd, waarbij u net als uw hond de natuur in zult trekken met alle mogelijke gevolgen van dien.

Teken behoren (net als de mijten) tot de spinachtige, zij hebben dus 4 paar poten.
Er zijn de zogenaamde Harde en Zachte teken, deze onderverdeling is in verband met het harde rugschild bij de Harde teken.

Alle teken leven als parasieten op gewervelde dieren, hierdoor zijn zij van grote betekenis voor het overbrengen van ziekteverwekkers op mens en dier.
Net als andere spinachtigen en insecten ondergaan teken tijdens hun leven een aantal vervellingen afhankelijk of ze deze op de gastheer of op de grond doen is bepalend voor het aantal gastheren waarop ze parasiteren.
De indeling kan dan verder gemaakt worden in een (alle vervellingen op gastheer), twee (in vervelling op de grond) en drie (alle vervellingen op de grond) gastherig.
Alle 3 stadia (larve, nymf en adult) parasiteren dit doen zij met een speciale steeksnuit (hypostoom) waarmee ze zich vastboren en lijmen in de huid.
Met de steeksnuit zuigen ze bloed bij de gastheer.
Het binnendringen van de huid geeft vaak al locale ontstekingen.
Tijdens de bloedmaaltijden stroomt er speeksel met anti-stollingsstoffen terug in de wond, hierdoor voorkomt de teek dat het bloed stolt (klontert) in de steeksnuit.
Bij enkele soorten zitten er zelfs gifstoffen in het speeksel die voor ernstige verlammingen of zelfs de dood kunnen leiden. Deze komen niet of nauwelijks in Europa voor.

De bloedmaaltijden duren enkele dagen tot 1 à 2 weken, waarbij de overdracht van evt. ziektekiemen begint tussen de 24-48 uur na aanhechten.
De meeste infecties die door teken overgebracht worden gaan via dit speeksel.
Bij teken met meerdere gastheren geld in het algemeen de regel; jongere stadia op kleine dieren, dat wil zeggen larve en nymf op kleine knaagdieren en vogels en de volwassen vrouwtjes op grotere zoogdieren.
Na een vervelling klimmen de teken op een hogere plek van bijvoorbeeld gras of struiken en laten zich dan op en passerend zoogdier vallen.
Tijdens deze wachtperiode ligt de stofwisseling bijna stil.
Sommige soorten kunnen meerdere maanden tot zelfs jaren wachten op de toevallige voorbijganger.

De zachte teken zijn in Nederland (en in Europa) niet van belang voor mens, hond en kat.
Van de harde teken zijn er een aantal die zeer veel voorkomen te weten:

Ixodes ricinus: de gewone teek, onterecht soms hondenteek genoemd.
Deze teek komt het meeste voor in Nederland en is driegastherig.
Ixodes ricinus zien we vooral op vochtige gebieden met ruige begroeiing.
Meestal ook met zandgrond als basis.
Duin en heide met vochtige plekken zijn een ideaal leefgebied voor deze teken.
Ixodes ricinus parasiteert als adult (volwassen) op vele verschillende zoogdieren.
Ixodes ricinus is bekend als overbrenger van de ziekte van Lyme in Nederland.

Rhipicephalus sanguineus: de bruine hondenteek of kennelteek.
Deze teek komt van nature niet in Nederland voor i.v.m. de lagere gemiddelde temperatuur, Rh. sanguineus kan echter binnenshuis in Nederland overleven en zelfs voortplanten (door de centrale verwarming).
Vandaar ook de benaming kennelteek, alle stadia van deze driegastherige teek kunnen parasiteren op de hond.

R. sanguineus kan een aantal ziekten overbrengen waaronder Ehrlichiosis en een milde variant van babesiosis.(zie verder in dit artikel).
...Bacterie
Borrelia Burgdorferi Neuroborrelia
Borrelia meningo-encefalitis...
Tekentang
Teken
Dermacentor reticulatus: is een driegastherige teek uit de warmere streken (zuid-, midden- en oost Europa).
De meest noordelijke besmettingen komen al tot in zuid Belgë en midden Duitsland.
De larven en nymfen parasiteren op kleinere dieren.
Deze teek is de belangrijkste overbrenger van Babesia canis bij de hond.
In zuid-frankrijk is de teek ook 's winters actief.

teken
Naast deze drie soorten zijn er nog vele andere maar die komen in lagere aantallen voor of zijn minder van belang bij het overbrengen van ziekten.
Het is niet de bedoeling alle ziekten die door teken worden overgebracht te benoemen maar hier volgt een kleine selectie van de vaker voorkomende ziekten.

Ziekte van Lyme
Borrelia burgdorferi is de verwekker van de ziekte van Lyme.
Deze bacterie is besmettelijk voor mens, hond en herkauwers.
Het ziektebeeld begint met een huidafwijking waarbij om de steekplaats een grote rode ring komt.
Verdere symptomen zijn vermoeidheid en arthritis (gewrichtsontstekingen).
De bacterie is gevoelig voor verschillende antibiotica.
Bij honden worden regelmatig antistoffen tegen borrelia gevonden zonder dat deze ziek zijn geworden. Er is nogal strijd tussen de wetenschappers over het gevaar van deze ziekte bij de hond.
Bij de mens is het een steeds groter wordend probleem.
Dus controleer uzelf elke dag indien u in "tekengevaarlijk" gebied verblijft.

Babesiose
De eencellige parasiet Babesia canis leeft in de rode bloedcellen van de hond.
Er zijn twee varianten waarvan er een veel mildere ziekteverschijnselen geeft.
De meest gevaarlijke veroorzaakt koorts, lusteloosheid, miltvergroting, bloedwateren en bloedarmoede.
De behandeling is zeer moelijk daar er nauwelijks medicijnen zijn die de parasiet kunnen doden.
Preventief is er een vaccin beschikbaar. Deze is echter zeer duur en geeft geen volledige bescherming (tevens alleen bescherming tegen de meest agressieve variant).
Vroeger was er ook een preventieve injectie met "Imizol" mogelijk echter dit middel is in Nederland niet meer verkrijgbaar. Verder is het voorkomen van tekenbeten en snel en correct verwijderen van teken van belang.

Ehrlichiose
De behandeling bestaat uit langdurige antibiotica gift (tetracycline), echter bij chronische aandoeningen is de prognose matig.
Preventief is alleen de tekenbestrijding mogelijk. De symptomen zijn koorts,
Ehrlichia canis is de parasiet die leeft in een bepaald type van de witte bloedcellen van de hond (de monocyten).
Deze parasiet wordt overgebracht door Rhipicephalus sanguineus.
Sommige rassen zijn gevoeliger dan andere (mn zuivere rassen van herdershonden).

Bestrijding van teken
Omdat de overdracht van evt. ziektekiemen al vrij snel na aanhechten (24-48 uur) gebeurt is het van belang dat de teken binnen die periode gedood of verwijdert zijn.

Een dagelijkse controle van uw hond indien deze in een "tekengevaarlijk" gebied komt is zeer belangrijk.

Aangetroffen teken kunt u het beste direct verwijderen met behulp van een speciaal tekenpincet of tekenhaakje.
Hierbij verwijdert u de teek inclusief de kop die vast geboord en gelijmd in de huid zit.
Tijdens het verwijderen maakt u eerst een draaiende beweging met de teek net zolang tot de teek helemaal los is, de teek wordt er dus niet uitgetrokken.

Naast deze controle is het ook verstandig om uw huisdier met een middel tegen teken te behandelen. Sommige anti-vlooien middelen hebben ook een werking tegen teken.
Van deze middelen gaat ook een zogenaamde repellent-werking uit, dat houd in dat als de teek merkt dat deze stof aanwezig is zich weer van de hond laat vallen.
Er zijn vele producten die zeggen een werking tegen teken en vlooien te hebben maar meestal werkt dit pas langer dan de 24-48 uur en heeft dus geen effect op de preventie van de eerder vermelde ziekten.

De middelen die wel een duidelijk effect hebben binnen de 24-48 uur zijn onder andere:

Permetrin (Pulvex spot) (speciaal tegen teken. Ze vallen echt dood neer(dus niet slaperig zoals bij de meeste andere middelen.)
Fipronil (in Frontline)
LET OP: deze middelen zijn niet te gebruiken voor katten!
Wormen | Bestrijding
Wormen
Honden kunnen last hebben van verschillende soorten wormen. De meest voorkomende zijn lintwormen en spoelwormen. Lintworm veroorzaakt diarree en een slechte conditie. Bij een lintworminfectie kunt u soms rond de anus van de hond en op zijn ligplaats kleine stukjes van de lintworm zien. In dat geval is ontworming beslist noodzakelijk. U moet de hond ook controleren op vlooien. Die brengen de lintworm namelijk over. Spoelwormen zijn ook een regelmatig terugkerend verschijnsel. Pups worden al via de moedermelk besmet. Spoelwormen veroorzaken (vooral bij jonge honden) problemen zoals diarree, vermagering en stagnerende groei. In ernstige gevallen is de pup mager, maar heeft hij wel een opgezwollen buik. Het kan zelfs voorkomen dat hij de wormen uitbraakt: ze zien eruit als spaghetti-achtige sliertjes. Een pup moet dan ook met enige regelmaat behandeld worden met een ontwormingsmiddel. Volwassen honden hebben minstens twee keer per jaar een behandeling nodig.
Terug naar de inhoud